
6
Symbolen in deze gebruiksaanwijzing
Opnamemodus Symbool
Smart Auto
Programma
Smart
Panorama
Magisch Plus
Instellingen
Film
Wi-Fi
Symbolen in de opnamemodus
Deze pictogrammen worden weergegeven in de tekst wanneer een functie
beschikbaar is in een bepaalde modus. Bekijk het onderstaande voorbeeld.
Opmerking: de modus of ondersteunt wellicht niet de functies voor alle
scènes of modi.
Voorbeeld:
Opname-instellingen
67
3
Druk op [
F
/
t
] om de belichting aan te passen.
•
De foto wordt lichter naarmate de belichtingswaarde wordt verhoogd.
Terug Instellen
EV : +1
4
Druk op [
o
] om de instellingen op te slaan.
•
Nadat u de belichting hebt aangepast, wordt deze instelling automatisch
opgeslagen. Mogelijk moet dit later weer worden bijgesteld om onder- of
overbelichting te voorkomen.
•
Als u niet weet wat de juiste belichting moet zijn, selecteert u AEB (Auto
Exposure Bracket). De camera neemt 3 foto's achter elkaar, elk met een andere
belichting: normaal, onderbelicht en overbelicht. (p. 71)
De belichting handmatig aanpassen (EV)
Afhankelijk van de intensiteit van het omgevingslicht kunnen foto's te licht of te
donker uitvallen. U kunt dan de belichting aanpassen om een beter resultaat te
krijgen.
Donkerder (-)
Neutraal (0)
Helderder (+)
1
Druk in de opnamemodus op [
m
].
2
Selecteer EV.
Helderheid en kleur aanpassen
Hier vindt u informatie over hoe u instellingen voor de helderheid en kleur kunt aanpassen om een betere beeldkwaliteit te bereiken.
Beschikbaar in de
modi Programma en
Film
Symbolen in deze gebruiksaanwijzing
Symbool Functie
Aanvullende informatie
Veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen
[ ]
Cameraknoppen. [Ontspanknop] staat bijvoorbeeld voor de
ontspanknop.
( )
Paginanummer van verwante informatie
De volgorde van de opties of menu's die u moet selecteren om een
stap uit te voeren, voorbeeld: selecteer Gezichtsdetectie Normaal
(betekent selecteer Gezichtsdetectie en selecteer vervolgens
Normaal).
*
Voetnoot
Comments to this Manuals